Visie

1. Algemene visie:

“Als team proberen wij leerlingen die kiezen voor het deeltijds onderwijs een zinvol vormings- en opleidingsaanbod te geven en dit op maat van de jongere.
Dit is erop gericht om als individu volwaardig, met zijn rechten en plichten, te functioneren in de gemeenschap. In die zin is de school ook een leefgemeenschap. De instap in het deeltijds onderwijs is in principe drempelloos en selectieloos.
Wij streven naar een optimale begeleiding van de jongeren zowel tijdens de twee dagen school als tijdens de overige drie dagen. Van personeelsleden in het deeltijds onderwijs wordt een sterk engagement verwacht.
De component tewerkstelling staat, naast onderwijs, centraal in de werking, waarbij wij zowel aandacht moeten hebben voor de kwalificatie naar een bepaald beroep, als voor de daartoe vereiste attitudes.
Om te slagen is het noodzakelijk dat wij samenwerken met heel wat externen zoals daar zijn: VDAB, andere opleidingsinstanties, het vormingswerk, de welzijnssector, de socio-economische milieus..”


2. Beleid centrum leren en werken – VTI Oostende:


Sinds 1914 was de leerplicht in België onveranderd op 14 jaar blijven steken. Vanaf 1983 is de leerplicht ( geen schoolplicht, want ook thuisonderwijs is mogelijk) opgetrokken en is deeltijds onderwijs mogelijk van 15 jaar mits 2 jaar secundair onderwijs tot 30 juni van het kalenderjaar waarin de jongere 18 jaar wordt en voor wie verjaart tussen 1 januari en 30 juni eindigt de leerplicht op hun 18de verjaardag.

Sinds de oprichting heeft het centrum een hele evolutie doorgemaakt. Twee elementen zijn hierbij belangrijk: de wil en de noodzaak om het centrum uit te bouwen tot een eigen, specifieke opleidingsvorm en tegelijkertijd het evolueren naar een zekere autonomie om dit te realiseren.
Dit beschouwen we als twee belangrijke voorwaarden om een afdoend antwoord te bieden aan te noden van ons eigen publiek.
Naar opleidingsvorm:
ook al waren er bij de opstart geen leerplannen voorhanden, toch werden prachtige thema’s uitgewerkt voor de lessen algemene vakken. Via deze thema’s worden alle leerplandoelstellingen voor tweede graad, derde graad en diploma aangereikt.
Opstart van het time-out project voor de storende jongeren in het klasgebeuren en waardoor de leerkracht kan verder werken met de anderen.
Naar autonomie:
afzonderlijke locatie van het centrum. We beschikken over een eigen ingang, bureelruimte, klaslokalen, werkplaatsen (met uitzondering van BGV rubriek metaal), toiletten en open ruimte. Infrastructuur is en blijft een belangrijk gegeven in de uitbouw van het centrum. Voldoende, goed uitgeruste en proper onderhouden ruimtes zijn noodzakelijk en nodigen uit tot aangenaam werken.
Op een aantal domeinen is het echter niet zinvol te streven naar meer autonomie: wat betreft veiligheid, informatisering, personeelsadministratie, … is het essentieel dat dit ingekaderd blijft in het groter geheel met vertegenwoordiging van het deeltijds binnen de daarvoor voorziene overlegorganen.


We stellen ons als doel zoveel mogelijk jongeren bij het einde van hun opleiding het deeltijds onderwijs tewerkgesteld en gekwalificeerd het centrum te kunnen verlaten.
We kiezen voor permanente evaluatie in de 7u algemene vakken en voor individuele opvolging via het leertraject in de 8u beroepsopleiding, omdat we ervan overtuigd zijn dat de succesbeleving en dus de motivatie van de leerlingen kan stijgen wanneer zij regelmatig beloond worden.
Het centrum heeft gekozen voor een samenwerking met Groep Intro zodat een deel van de groepen met een meer vormende aanpak benaderd wordt naar zelfontplooiing en sociale integratie.

We beschouwen de school als een “gemeenschap” waarvoor elke geleding (leerlingen, leerkrachten, omkadering) verantwoordelijkheid draagt en mee betrokken is.
Om met deze leerlingen ‘opnieuw’ (niemand heeft een pasklaar antwoord voor leerlingen die meestal na negatieve ervaringen het voltijds verlaten) een leerproces op gang te kunnen trekken, is een ‘schoolomgeving’ nodig waar ze zich goed voelen, waar er een open klimaat is. Dialoog, zinvolle afspraken, … zijn in deze context essentieel.

Tewerkgesteld zijn in het deeltijds onderwijs vergt een groot engagement. Niemand is opgeleid voor dit specifieke werk. Waarschijnlijk hebben wij te maken met één van de meest belastende onderwijsvormen. Werken met dit leerlingenpubliek verplicht immers tot actualiseren en experimenteren en uit de ervaringen een eigen pedagogisch-didactisch concept ontwikkelen. We willen dan ook een dynamisch centrum zijn waarvoor een hardwerkend, gemotiveerd en dynamisch korps werkt.
Van het team wordt heel wat verwacht:
We proberen leerlingen opnieuw te motiveren. Dit vereist regelmatig overleg met alle betrokkenen.
Werken met heterogene groepen zorgt voor de taakbelasting niet alleen de lesvoorbereidingen steeds te actualiseren maar soms ook ter plaatse bij te sturen.
Vaardigheden en attitudes individueel bij te houden.
Helpen het voltijds engagement voor onze leerlingen hard te maken.
Het voltijds engagement kan ingevuld worden via reguliere tewerkstelling, een brugproject, het volgen van een voortraject of persoonlijk ontwikkelingstraject.

Het voltijds engagement moet
duidelijk naar de jongere en wettelijke vertegenwoordiger gebracht worden, dit dus het best vanaf de inschrijving. Verder is dit de taak van elke begeleider in het centrum. Het niet nemen of naleven van dit engagement vereist een direct optreden vanwege het centrum. Dit is materie voor het uitvoerend team/cel trajectbegeleiding dat wekelijks samenkomt en zodoende kort op de bal kan spelen.

Verder moet het centrum blijven zoeken naar goede tewerkstellings- en opleidingsplaatsen. Contacten met de bedrijfswereld zijn dus van groot belang. Eénmaal die plaatsen gevonden, is het noodzakelijk om de juiste jongere op de juiste plaats tewerk te stellen. Zo vlug mogelijk een duidelijk beeld krijgen van de werkzoekende is daarom van essentieel belang. Als de jongere uiteindelijk een plaats heeft, volgt de meer dan noodzakelijke begeleiding vanuit het centrum. Trajectbegeleiding is hierbij een sleutelwoord.

Als derde item is het noodzakelijk om een juist aanbod van opleidingen te realiseren. Knelpuntberoepen mogen hierbij niet uit het oog verloren worden. Deze bieden trouwens een reële kans op tewerkstellingen van jongeren. Eénmaal zo’n opleiding opgestart moet het centrum deze degelijk en volwaardig uitbouwen. Alle opleidingen leiden uiteindelijk tot een certificaat.

3. Slotbemerkingen

Het deeltijds onderwijs is een volwaardig alternatief voor jongeren die, om de meest diverse redenen, geen voltijds onderwijs meer willen volgen.
Het wordt echter nog te veel als minderwaardig beschouwd maar het is aan ons om het tegendeel te bewijzen. Wat geeft er meer voldoening dan een leerling gekwalificeerd en tewerkgesteld tot ziens te kunnen zeggen?
We hebben pionierswerk verricht en we beseffen dat er nog verbeteringen mogelijk zijn op vele vlakken, maar we denken er toch in geslaagd te zijn een passend antwoord te bieden aan de noden van het leerlingenpubliek. Werken in het deeltijds onderwijs is geen gemakkelijke maar wel een zeer boeiende uitdaging.